Ingezonden stuk door Mikail Acun
Het belangrijkste dat we bezitten is onze mening. Het geeft vorm aan onze identiteit. Denk hierbij aan onze politieke oriëntatie, godsdienst-, studie- en beroepsvorming. De quote ‘You can take my body but not my soul’, benadrukt het levensbelang van de immateriële vrijheid van de ziel (lees: meningen) boven alle vormen van fysieke vrijheden. Wij kunnen ons allemaal goed verplaatsen in mensen waarvan de fysieke vrijheid is ingeperkt. Hoe daarentegen de immateriële vrijheid van de ziel gevangen wordt genomen; hier hebben wij veel minder zicht op.
Sinds de anti-Islam propaganda – waarvan de aftrap op 11 september 2001 heeft plaatsgevonden – heb ik al mijn meningen moeten bijstellen. Deze leken onverwoestbaar net zoals de Twin Towers. Met een peloton aan argumenten stond ik altijd klaar om deze tot het einde te verdedigen.
Het moment van bijstellen begon toen de wereld zijn mening ten opzichte van mij, volledig aan het veranderen was. Terwijl ikzelf haast niks was veranderd. De blikken in ogen van omringende mensen veranderden, evenals de gespreksonderwerpen tijdens de koffie-break. Er ontstonden nieuwe gevoelige stiltes bij het horen van Al-Qaida-achtige termen. De heerser die in de naam van democratie en vrijheid een record aantal landen militair en economisch had bezet, bepaalde de mening van de wereld met de volgende woorden: “Either you are with us or you are with the terrorists.” Ik was tegen deze zelfverkozen rechter, maar ook tegen de terroristische aanslagen. Het hokje dat voor mij werd gereserveerd in de geest van de meeste mensen, is nog steeds in aanbouw. Het land waar ik ben geboren en getogen had zich tegen mij gekeerd; mijn ideologie werd als achterlijk beschouwd en mijn doen en laten als verdacht. Vanaf dat moment werd ik een vreemde in eigen land.
Het vrolijke vrije Nederland was veranderd. Honderdduizenden Nederlanders werden geëtiketteerd als een mogelijk gevaar. Aan de ene kant zag ik Het land van Lange Frans en Baas B en aan de andere kan Het land van Salah Edin. De ontstane angst uit onwetendheid zorgde voor wanhopige pogingen van de overheid om de onrust onder controle te krijgen. Terwijl het land eenheid nodig had, verdeelde beleidsmakers het land verder in tweeën. De vrijheid van de ene groep moest beschermd worden ten koste van de vrijheid van andere groepen: denk hierbij aan het afschaffen van Turkse taallessen op basisscholen, het verbieden van het ritueel slachten, besnijdenis, importhuwelijken, dubbele paspoorten, het bouwen van moskeeën, de hoofddoek en de dwangmatige erkenning van de verzonnen Armeense genocide. Binnen de Islamitische gemeenschap werden persoonlijke ervaringen gedeeld. Iedereen kent wel iemand die van een docent een lager schooladvies heeft gekregen, dan een autochtone klasgenoot met dezelfde cito-score. En iedereen kent wel iemand die niet is uitgenodigd voor een sollicitatiegesprek vanwege zijn naam. Vermoedens worden alsmaar bevestigd door onderzoeksrapporten van onder andere gemeenten, universiteiten, het SCP en het CBS. Deze tonen aan dat de Islamitische groep benadeeld wordt in het functioneren in de maatschappij.
De onwetendheid als het gaat om het behoud van de Nederlandse identiteit zorgt voor angst. De wanhopige pogingen waarmee dit gepaard gaat, bemoeilijken de identiteitsontwikkeling. De Nederlandse cultuur krijgt maar geen ruimte om zich vrij te ontwikkelen. De maatschappij is inmiddels al zo veranderd, dat de gemiddelde Nederlander meer weet over de Ramadan en Suikerfeest dan over Pinksteren en het Paasfeest. Eigenlijk zouden we op de Islamitische feestdagen vrij moeten krijgen. Maar door de moeizame en achterlopende ontwikkeling van de Nederlandse identiteit is dit onderwerp nog een taboe. Heel voorzichtig zou je deze situatie kunnen vergelijken met de identiteitsontwikkeling van de Hema: daar werd eerst de hoofddoek geweerd om even later onderdeel te zijn van de bedrijfskleding.
Mikail Acun is de schrijver van het boek ‘Islam, In de mist van Populisme‘. In het boek worden verschillende recente gebeurtenissen, zoals de rechtszaak van Lucia de B., de Hofstadgroep en de doodgereden Marokkaanse tasjesdief, naast elkaar gezet. Hierdoor worden patronen zichtbaar in het kader van waarheidsmanipulatie. Afgesloten wordt er met de gecensureerde 1200 jaar Islamitisch heerschappij in Europa (Ottomaanse rijk en Andalusië). De invloed ervan op de huidige westerse wereld wordt besproken: van windmolens, tulpen, koffie, Delfts Blauw tot en met het Zeeuwse dorpje Turkeye – het komt allemaal aan bod.
7 Reacties op "Islam, in de mist van populisme"
De insteek van het boek vind ik buitengewoon interessant, ik hoop dat de bibliotheek hier in Amsterdam het gauw aan zal schaffen!
“de dwangmatige erkenning van de verzonnen Armeense genocide” … ben je serieus?
een ander waarheid
Hey kijk nou, Turkije nummer 1 maar dan in boekvorm! Een portie stevig Turks nationalisme.. gecombineerd met grootheidswaan, daar kun je nooit genoeg van krijgen. Ja eigenlijk moeten alle middelbare scholieren in Nederland maar gelijk 6 jaar lang Turkse geschiedenis krijgen en Turkse taalles, dat is wel het minste dat we terug kunnen doen..
Er staan overigens meer dan 12 taalfouten in het artikel, misschien tijd voor een beetje redigeerwerk.
Ik moest lollen bij ‘anti-islam propoganda’.
Dat moet uiteraard propaganda zijn..foei..
“Sinds de anti-Islam propaganda – waarvan de aftrap op 11 september 2001 heeft plaatsgevonden”
Je bedoelt waarschijnlijk:
“Sinds de anti-Islam propaganda – waarvan de aftrap door het westen op 11 september 2001 heeft plaatsgevonden”
“De ontstane angst uit onwetendheid…”
Dit is de slechtste duiding in je stuk:
Er is nauwelijks angst voor de islam, er is weerzin tegen de islam. En die weerzin komt omdat mensen dagelijks lezen over de islam in al haar vormen. Weerzin is iets anders dan angst. Er is geen islamofobie. Er is weerzin.De stroom van nieuwsfeiten van hoe – met name moslim mannen – zich misdragen tegen – met name vrouwen – en het westen wekken weerzin en afschuw, geen angst. Voel je angst voor iemand die in de trein heel dicht bij je komt staan? Of die voor je gaat zingen op straat? Nee, je voelt dan weerzin en je probeert zijn lucht niet te ruiken en de persoon te negeren. Dát is wat gevoeld wordt voor de islam. Geen angst, geen fobie, maar weerzin. Niet uit onwetendheid, maar door een continue stroom van weerzinwekkendheden uit heel de wereld.
Ik weet niet wat maakt dat islamieten blijven zeggen dat “angst voor de islam uit onwetendheid” vandaan komt. Hou er mee op. Het is niet waar. Van geen kant. Het is een homerische beschrijving die voor islamieten leuk klinkt, maar van geen kant klopt.
Van geen kant.
“De onwetendheid als het gaat om het behoud van de Nederlandse identiteit zorgt voor angst.”
Nee, nee, NEE! Het niet aflatende geëmmer over Allah tekens op ijsbekers, of in stripberhaaltjes, of de kleur van zwarte piet zorgt voor weerzin! Angst suggereert wegkruipen. Tegen dit soort dingen ingaan wordt niet ingegeven door angst maar door opkomen voor wat je leuk, of belangrijk vindt. Omgereerd zou je kunnen zeggen dat moslims uit angst protesteren tegen een strip plaatje, of een ijsbeker. Maar dat gebeurt nooit. Vreemd…
“De maatschappij is inmiddels al zo veranderd, dat de gemiddelde Nederlander meer weet over de Ramadan en Suikerfeest dan over Pinksteren en het Paasfeest.”
Waar is je onwetendheid argument gebleven?
Dit stuk klopt van geen kant. Je haalt argumenten aan die conflicteren met andere zaken die je schrijft. Dit stuk is als een pingpongbal. Geen witte, geen groene, maar een zwarte.
Hou op met praten over angst en onwetendheid. Veel vrouwen overgeleverd in de handen van moslims hebben angst. Nederlanders zijn vrij. Als onze wetten, normen en tradities in het gedrang komen verzetten wij ons vreedzaam. Niet uit angst. Maar omdat wij onze vrijheid en onze tradities koesteren.