Voorpagina Algemeen, Maatschappelijk

Het wordt tijd dat mensen accepteren dat er niet één soort Nederlander bestaat

Een half jaar terug werd Aziz doodgeslagen door zijn buurman. Van een racistisch motief was volgens de rechter geen sprake. Henk kreeg een half jaar voor de dood van Aziz. De dood van een mens ook al is het door doodslag, is in Nederland kennelijk niet meer waard dan een half jaartje brommen. De media besteedden slechts vluchtig aandacht aan deze tragedie. Het was maar een Turkse man genaamd Aziz, een voormalig gastarbeider.

Jarenlang had hij geploeterd zoals de meesten van zijn generatie om zijn gezin te onderhouden. Nu hij eindelijk op zijn lauweren kon rusten en trots kon zijn op zijn kinderen, die allemaal goed terecht waren gekomen werd hij voor zijn voordeur doodgeslagen door zijn buurman.

Toen Aziz kwam te overlijden ging het leven door in Nederland. Er was geen collectieve verontwaardiging. De opiniepagina’s onthielden zich van commentaar. Pauw en Witteman en soortgelijke borrelpraatprogramma’s gaven niet thuis en Kamervragen werden er voor de verandering niet gesteld. Autochtonendeskundigen, daar had men geen behoefte aan. Hier en daar viel het woord racisme, maar een autochtonenprobleem was het in ieder geval niet. Aziz was etnisch niet interessant genoeg om maar enige verontwaardiging voor op te wekken. Ook op internetfora was het verdacht stil. Geen internetreageerduur die Henk virtueel lynchte. Behalve dan om racistisch af te geven op Turken. Het was stil, muisstil.

Na Haren, Eindhoven, Den Bosch en Hoek van Holland bleek nog maar weer eens hoe duidelijk Nederland in de ban was van de selectieve verontwaardiging. De donkere camerabeelden zetten gans xenofoob Nederland in eerste instantie op het verkeerde been. Racistische uitingen jegens de Marokkaanse gemeenschap op het net waren niet te tellen. Tot dat het om autochtone  k*tNederlanders bleek te gaan. De omschakeling van haat richting een hele gemeenschap, naar specifieke haat richting een achttal individuen leek nog sneller te gaan dan de Madrileense elf in de Amsterdam Arena. Het ging opeens om de daad en niet om de achtergrond van de dader.

Er is een wezenlijk probleem in Nederland en dat is niet een Marokkanenprobleem. Het is een verontrustende capaciteit om een racistische realiteit te ontkennen. Een realiteit waar hier geboren “allochtone” jongeren nog steeds door een groot gedeelte van de bevolking als ongewenste gasten gezien wordt. Een realiteit waar de derde generatie, die zich reeds autochtoon mag noemen, geregeld te kampen heeft met misplaatste superioriteitsgevoelens. Een realiteit waar het ophemelen van de eigen cultuur en het afgeven op de afkomst, cultuur en religie van anderen een feit is. Een realiteit waar racisme en discriminatie in toenemende mate – zo niet regelrecht ontkent worden dan wel gebagatelliseerd. Een realiteit waar er geluiden zijn die vinden dat de meerderheid slachtoffer is van de aanwezigheid van “allochtonen”. Zover is het gekomen met het land dat in 1993 nog 1,2 miljoen protestkaarten stuurde naar Duitsland om haar verontwaardiging te uiten over het geen er in Solingen was gebeurd.

De veranderingen in perceptie ten aanzien van allochtonen sindsdien kan men terecht of niet, zien als een broodnodige correctie op een al te rooskleurig multiculti beeld dat werd uitgedragen in Nederland. Maar niemand kan ontkennen dat na meer dan tien jaar correctieperceptie de slinger naar de andere kant aan het doorslaan is als een keurige geïntegreerde man van Turkse komaf voor zijn eigen voordeur wordt doodgeslagen, zonder dat dit ook maar enige verontwaardiging teweeg brengt. Als de Tokkie de doodgeslagen buurman was geweest was het land te klein geweest.

Het hedendaagse discours is jammer genoeg gebaseerd om tezamen een collectief zondebok te zoeken en is er enkel om diepgewortelde vreemdelingenhaat te kunnen ventileren. De problemen die er onder etnische minderheden spelen zijn derhalve voor de xenofoob irrelevant. Het toenemende racisme en ontkennen van een divers Nederland dient dan ook op de agenda van politici gezet te worden. Een realiteitsbesef waar burgers van het land duidelijk wordt gemaakt dat er niet één soort Nederlander bestaat. Na een minister van Integratie dient de overheid zich druk te maken om een grote groep burgers die zich buiten de maatschappij hebben gesteld met hun afwijkende gedachtegoed. Enkel dan kunnen we in dit land problemen tezamen oplossen zonder te vervallen in het frame van polariseren en van elkander de schuld te geven.

Foto: just.Luc via photopin cc
avatar

Haci Tekinerdogan is dertig jaar geleden geboren in het pittoreske Achterhoek, in de gemeente Oude-IJsselstreek. Geïntrigeerd en soms ontdaan door de wereldpolitiek en de maatschappij rondde hij zijn lerarenopleiding maatschappijleer af in Tilburg. Als jongste telg van het gezin heeft hij als geen ander geleerd op te komen voor zijn rechten. Vakantiedagen, daar heeft Haci als docent genoeg van. En ervan genieten doet hij als geen ander. Elk mens bevat volgens hem de menselijke waardigheid die door God is gegeven en vanuit dat perspectief is ieder mens gelijkwaardig. Voor de komende jaren heeft hij als doel wederom kwalitatief goed onderwijs te leveren en een master internationale betrekkingen in historisch perspectief te behalen. Komt het licht der wijsheid uit het oosten ofwel ‘ex oriente lux’. Haci maakt in ieder geval van de Achterhoek een opvallend en toonaangevend lichtbaken.

Lees andere stukken van