Voorpagina Cultuur, Ervaringen, Politiek

Nationaliteit opgeven?

Ga zo vroeg mogelijk in het seizoen, want je wilt niet tussen honderden treurige, chagrijnige, gestresste, halsstarrige, stinkende Marokkanen mensen in een aircoloze ruimte wachten (heel lang wachten). Enfin, het is winter dus dan zou je zeggen dat het de omgekeerde wereld zou moeten zijn. Ik kom aan op het consulaat en mijn vermoedens worden bevestigd. Ik kijk om me heen en zie dat het er nog steeds hetzelfde uit ziet als in 1994. Die draaideur en het niet-werkende nummerapparaat komen me niet bekend voor. Het is niet druk, dus ik begeef me richting het wazige loket. Net een troebel aquarium. Die man komt me bekend voor. Werkt er blijkbaar nog steeds. Hij heeft in ieder geval nog wel hetzelfde kostuum en kapsel. Niet te lang naar hem kijken, want je word er ongelukkig van. 

Ik vraag de medewerker hoe ik een ‘We3kele’ (machtiging) kan afgeven. Dertig jaar in Nederland en nog steeds geen woord Nederlands. SubhanAllah. Hij geeft, zonder me aan te kijken, in het Arabisch aan dat ik zelf iets op papier moet zetten. Op een notitieblaadje. Huh. Dus ik verder vragen en zodoende kom ik erachter dat ik om de hoek bij café Andalus terecht kan. Bestaat dus nog.

Café Andalus is een begrip in Marokkaanse kringen. Het ruikt er naar verrot hout, overal stof, kortom een bacterieparadijs. Café Andalus is een kruising tussen een café, rommelmarkt, restaurant, fotostudio, tapijtwinkel, reisbureau, meubelzaak en een plek waar je machtigingen kunt laten uitprinten. In het Arabisch dus. Gewoon een slimme ondernemer die met een hele oude computer en fotocamera gebruik maakt van Marokkanen, zoals ik. Maar ze bestaan nog steeds en aan het nieuwe afgrijselijke felgroene interieur te zien hebben zij géén last van de kredietcrisis.

Dus ik met mijn verse machtiging naar het consulaat en terug naar onze Marokkaanse Burt Reynolds. Eerst even in de rij gestaan achter een voorpiepende vrouw die het nodig vindt om luiers van de kids te verschonen. Zeer onsmakelijk. Ik aan de beurt. De beste man kijkt naar mijn machtiging en geeft aan dat ik eerst kopieën moet laten maken. Dus ik naar zijn collega die schijnbaar de enige is die het antieke kopieerapparaat kan bedienen. Vijftig cent per kopie. Wacht. Papier op. Ik weer terug naar het eerste loket om papier te halen.

Ik mijn sh*t ingeleverd en dan is het wachten geblazen. Erg lang. Wel één, wel twee uur. Tijdens het wachten droom ik er van hoe ik zo’n toko zou reorganiseren. Enkele concepten implementeren, nieuwe software, wat flastscreens, het nummertjesapparaat een nieuwe kans geven, vriendjespolitiek afschaffen, luie mensen op straat zetten, de loketten een poetsbeurt geven, etc. Om van te watertanden. En dan hoor ik mijn achternaam zeven keer achter elkaar half door de geluidsbox. Rennend naar het loket. Wacht even. Ik moet volgens hem zelf even een envelop scoren. Red ik dat wel? Even op de klok kijken. Staat stil. Verrassend. Weer naar café Andalus en terug. Na 2,5 uur missie voltooid. Werkelijk miraculeus.

Ondanks de malaise is het bezoek opgenomen in mijn lijst van beschermde tradities. Ik kan er achteraf altijd om lachen, gieren, huilen en brullen. Ze blijven me verbazen. Elke bezoeker heeft zo zijn eigen ervaringen en dat maakt het uniek, zo herkenbaar, zo Marokkaans. Vergelijk het met cabaret. Alleen staan onze ‘cabaretiers’ stil in de tijd. Letterlijk. Soms heb ik het idee dat ze zelfs teruggaan. Maar ik begrijp ze wel. Die mensen hebben ook een verhaal. Echter, deze traditie mag wat mij betreft nooit uitsterven! Ik kan me namelijk niet voorstellen dat ik over tien jaar niet meer naar het consulaat hoef. Waar moet ik het dan over hebben tijdens de terugkerende nostalgische gesprekken? Ontneem Marokkanen dit stukje cultuur daarom niet. Wat mij betreft worden er gesubsidieerde schoolreisjes naar het MC georganiseerd. I don’t care. Ik wil best wat opgeven maar het bezoek aan het MC? No way.

avatar

Abdelkarim. Voormalig hoofdredacteur van Wijblijvenhier.nl. Documentairemaker. Is geboren in de Zeeuwse contreien en wist al op vroege leeftijd dat het boerenleven niet voor hem was weggelegd. Hij besloot om zijn hooivork aan de wilgen te hangen, de koeien vaarwel te zeggen en zijn geluk te beproeven in Rotterdam. Hij studeerde Nieuwe Media aan de Universiteit van Amsterdam, was als journalist werkzaam bij de VARA, columnist voor KRO Hemelbestormers en Joop.nl, praat graag tegen vreemden, schaamt zich slechts voor zijn tenen en hoopt dat zijn levensmotto ooit de geschiedenisboeken ingaat: "Als je een geit een jurk cadeau geeft, weet je nooit wat er gebeurt"

Lees andere stukken van Abdelkarim