Voorpagina Algemeen, Politiek

Waarom ik mijn kritiek op Peres tijdens Collegetour heb geuit

Misdadiger Peres is in het land en een aantal studenten kreeg de eer hem een vraag te stellen tijdens Collegetour. Zo ook Nazir Bibi: “Ik nam niet deel aan Collegetour om hem gewoon een vraag te stellen, maar om mijn ongenoegen en kritiek te uiten over Peres en Israël. Op wat voor manier dan ook. En dat deed ik… Ik ging na m’n ‘vraag’ weer zitten. Er volgde een oncomfortable blik op het gezicht van de presentator, die ik een beetje zou vertalen als: Boy, that escalated quickly.

Zoals velen van jullie al hebben gehoord: Shimon Peres (90) was in het land, en College Tour had hem uitgenodigd als hoofdgast.

Hij zit al 72 jaar in de politiek (lees: ervaren leugenaar). Om dan met de verwachting naar hem toe gaan dat hij je vraag ‘eerlijk’ zal beantwoorden, is natuurlijk erg naïf. Ik nam dan ook niet deel aan deze opname om meneer Peres een vraag te stellen, maar om mijn ongenoegen en kritiek te uiten over Peres en Israël. Op wat voor manier dan ook. En dat deed ik…

Tijdens het interview vroeg de presentator iedereen die een vraag wilde stellen om te gaan staan. Mijn hart ging tekeer. Ik dacht heel even dat ik zou gaan hyperventileren van de zenuwen. Er waren driehonderd mensen in de zaal. Beveiligers genoeg. En iets waar ik helemaal niet aan gewend ben: camera’s en een microfoon. Maar het was ook weer iets waar ik toch zo naar had uitgekeken. Ik lette op mijn ademhaling en realiseerde me dat ik niet zoals de andere naar huis wilde gaan om te zeggen dat ik meneer Peres heb gezien. Nee. Ik zou wat zeggen. Mind you: niet vragen, maar iets ZEGGEN.

Ik stond op en gelukkig zag de presentator mij. Hij wees mij aan en de microfoon kwam naar mij toe. Ik haalde diep adem en zei een van de vele dingen die ik had kunnen zeggen. Ik probeerde wel rustig te blijven, want ik wilde niet overkomen als ‘dat boze meisje met een hoofddoekje’. Ik ging na m’n ‘vraag’ weer zitten. Er volgde een oncomfortable blik op het gezicht van de presentator, die ik een beetje zou vertalen als “Boy, that escalated quickly”.

Ik ging zitten, en ik hoor vervolgens meneer Peres rustig doorbrabbelen op mijn ‘vraag’. Ik luisterde niet meer. Ik ving alleen de woorden “bombs” en “safety” op. Ja, ja. Praat jezelf er maar weer uit. Ik zag mensen in de rijen voor mij zich subtiel omdraaien om te kijken wie ik was. Ook aan de andere kant van het gangpad. Het maakte mij allemaal niet meer uit. Allang niet meer.

Een aantal minuten later was het interview voorbij en stond iedereen op om te applaudiseren. Thanks, but no thanks. Ik blijf graag zitten en kijk liever naar de houten frame van de stoel voor mij (ik zit notabene in de Ridderzaal). In het lege gangpad naast mij verscheen ineens een beveiliger die was komen aanstormen. Ik glimlachte naar hem. Rustig aan man, ik grijp niet naar m’n schoenen om ze naar Peres te gooien. (My mom would have killed me. En het is m’n lievelingspaar.) Hij ging rechtop staan en bleef daar tot dat de gast vertrokken was. We mochten gaan.

Ik stond op en liep naar de deur met de massa mee en ineens legde een meisje haar hand op mijn schouder om mijn aandacht te krijgen: “Jij had die vraag gesteld toch? Echt bedankt! Dat was echt goed”. Ze was blijkbaar niet de enige die “het écht goed vond”. Mensen zeiden de meest ego-strelende dingen die je kan zeggen op zo een moment:

“Bedankt voor je moedigheid”

“Zo. Zij hebben hun kijkcijfers ook weer binnen dankzij jou. Goed hoor.”

“Thank you so so much! I wanted to ask a question and say something, but I was afraid. But you were really good. Thank you. Are you Palestinian?”

“It was very good. I wanted to clap you know. But I don’t know. I was afraid. You know.”

“Jij was toch dat meisje die die vraag stelde? Echt goed van je!”

Mensen. Please. Don’t. Do. That. Als je ergens in gelooft. Als je ergens voor staat, sta daar dan ook letterlijk voor op.

Er waren ongeveer 12-15 mensen die een vraag hebben gesteld die dag tijdens de opname, waarvan geen één (naar mijn mening) als kritiek op Israël en haar beleid was gericht. Dat vind ik teleurstellend. Waarom zijn mensen wanneer het erop aan komt toch weer stil? ‘Waarom durven deze mensen niet?’, is de vraag. Wat houdt hen tegen op zo’n moment? Willen deze mensen hun eigen imago niet schaden? Is er een vorm van sociale druk? Blijkbaar wel. Anders was ik vast niet de enige geweest die haar kritiek uitte op deze manier.

Ik kan Peres bekritiseren tegenover vrienden, medestudenten, op Facebook of een blog. Maar wat bereik ik daarmee als ik stil blijf wanneer ik de kans heb om te spreken.

En de rest van het publiek dan? Mensen die het met Peres eens waren, applaudisseerden voor hem, nadat hij een praatje hield over hoe hij Israël heeft beschermd. Maar degenen die het met de kritiek op Peres eens waren, kwamen mij stiekem een schouderklopje geven. That was your moment! Je kon blijven zitten toen iedereen opstond om te applaudiseren voor deze misdadiger. Je kon weigeren te applaudisseren voor deze misdadiger. Of… je had kunnen wegblijven.

Maar zwijgen? Zwijgen is toestemmen.

Nazir Bibi Naeem

avatar

Altijd gewapend met een Parker pen, 'chai ka cup', en sarcasme.

Lees andere stukken van Nazir Bibi