Voorpagina Ervaringen, Islam, Spiritualiteit

De Hajj: Het Begin

Dit verslag is het eerste deel van de trilogie over de Hajj (Pelgrimstocht) die ReFlex onlangs heeft mogen meemaken.

De koffer. De koffer gaat maar moeilijk dicht, dus mijn lieve vrouw drukt hier en daar wat knopjes in en ‘klik’ koffer dicht. Alleen net iets te goed dicht, want er zit nu een code op, die we niet weten. Geduld is het trefwoord van de Hajj, dus we bleven relatief rustig en wisten dat de Hajj nu al voor ons was begonnen. Wel lichte paniek in huize ReFlex. Ik wilde al een hamer en beitel pakken (voor de koffer, niet voor m’n vrouw), maar bedacht gelukkig nog net dat er misschien wel ergens op internet iets staat over hoe je een Samsonite koffer kan kraken. Niet dus! Via via krijg ik uiteindelijk een telefoonnummer van ene Kees uit Oud-Beijerland. We racen richting Oud-Beijerland, vinden Kees en in 23.2 seconden heeft hij de koffer open. We zijn Kees voor eeuwig dankbaar en racen naar het vliegveld.

Het vliegveld.

Het is een emotioneel afscheid, vooral van mijn dochtertje die we 24 dagen zullen missen. We bidden met z’n allen in de hal en gaan in de rij staan voor de paspoortcontrole. Daar vertelt de Imam dat het vanaf nu één groot avontuur zal worden en dat onze jihad nu écht gaat beginnen. Tactisch gezien misschien niet de beste plek om het woord ‘jihad’ te laten vallen, maar aan de andere kant weten de niet-moslims na bijna een decennia excessief islam-aandacht vast wel wat jihad betekent.

De Ihram.

De tussenstop is in Amman, Jordanie. Hier moeten we ook onze Ihram (2 simpele ongenaaide lakens om je middel en om je bovenlijf) omdoen en de intentie voor de Hajj uitspreken. We lopen op het vliegveld langs de rijkelijk uitgestalde Jhonny Walkers en andere alcoholische versnaperingen en komen terecht in een klein zielig afgeraffeld moskeetje (gelukkig hadden ze er één, Alhamdulillah) om het gebed te verrichten. Jordanie stelt me dus enigszins teleur, zeker als je hoort met wat voor respect en eer bedevaartgangers in hun doorreis in bijv. Turkije worden ontvangen. Maar oke, we hebben onze Ihram om (het omdoen is lastig, het omhouden nog lastiger) en wachten op de vlucht naar Jeddah. Nu we in de staat van Ihram zijn, hebben we te maken met de beperkingen van de Ihram. Zo mogen we o.a. geen geurtjes meer gebruiken, geen nagels knippen, niet schelden, niet ruzien (ook niet met je vrouw) en moeten dus vooral heel veel geduld opbrengen.


Met de nodige moeite de Ihram omgedaan in Amman, Jordanie.

De aankomst

We komen ’s ochtends vroeg aan op het vliegveld in Jeddah en worden geleid naar een wachtruimte. Opeens gaat een deur open, geen idee wat voor deur het is, maar we lopen er maar doorheen. We komen aan in de hal van de paspoortcontrole en zien allemaal mensen op de grond zitten of langs de kant slapen. De bureaus zijn leeg en geen personeel te bekennen. Er wordt niks omgeroepen, er zijn geen mededelingen. Wat is hier nou weer aan de hand? Via via horen we dat er een computerstoring is en dat alles dus plat ligt. Een jonge paniekerige Saoedische medewerker met de autoriteit van een huismus probeert ons weer terug te sturen naar de wachtruimte, maar helaas, we besluiten het gebied dat we inmiddels veroverd hebben tot nader order te bezetten. Twee uur later doet ineens alles het weer en staan we als eerste in de rij. Nog een uur later staan we met de koffers buiten en hoeven we alleen nog maar te wachten op de bus die ons naar Mekka brengt.


Computerstoring op vliegveld van Jeddah

Busje komt zo

De Saoediers hebben het zo geregeld dat je pas een bus kan reserveren nadat je bent aangekomen. Je levert dan je paspoorten in, zodat ze allemaal stickers en reischeques erin kunnen plakken voor alle transport tijdens de Hajj. Na de Hajj blijft er weinig meer over van je paspoort, wel heb je een mooi plakboek. Normaal gesproken kan het wel 4 uur duren voordat er een bus komt en je kan vertrekken. Door de computerstoring en administratieve chaos van de Saoediers heeft het ons maar liefst 14 uur geduurd (GEDULD!) voordat we eindelijk met ons groep van 55 personen in de bus zaten. Later zou blijken dat deze dag zeer bepalend is geweest voor de reis en ons zodanig had gevormd dat we elke tegenslag die we vanaf nu zouden krijgen met open armen zouden ontvangen en accepteren. Onze Imam had gelijk, het is écht Jihad. En de Hajj was nog amper begonnen. Sterker nog, we waren Mekka nog niet eens binnen.


14 uurtjes wachten op de bus, even een schoonheidsslaapje

Aankomst in Mekka

Normaal gesproken is het eerste wat je doet als je Mekka binnenkomt ‘de Umrah’ (de kleine bedevaart). We zijn echter zo vermoeid van de hele reis en het vele wachten dat we denken dat dat onmogelijk is, we denken eerder aan een lekkere douche en een zacht bed. Na een kleine 3 uur in de bus zien we ineens de minaretten van Masjid al Haram (de moskee waarbinnen de Ka’ba zich bevindt) en iedereen springt op. We vergeten onze vermoeidheid en willen eigenlijk zo snel mogelijk er naar toe. Ons hotel is aan één van de hoofdwegen van de Ka’ba op zo’n 5 minuten loopafstand, dus snel alle koffers uitgeladen, even opgefrist en een half uur later stonden we buiten op weg naar de Kaba.

Het is inmiddels 2 uur ’s nachts en we lopen als een stel opgewonden kinderen naar de moskee. Het plein voor de moskee is zo ontzettend mooi verlicht en vol met mensen. De moskee ziet er schitterend uit en we krijgen al kippenvel nu we nog buiten staan. Dan zien we ineens dat de deuren van de moskee dicht zijn en niemand meer binnen wordt gelaten. De grootste moskee ter wereld blijkt om 2 uur ’s nachts nog voor de Hajj is begonnen overvol te zijn. Teleurgesteld keren we weer terug naar ons hotel zonder de Ka’ba aanschouwd te hebben. Misschien wil Allah dat we toch eerst uitrusten voordat we de Umrah verrichten.


Teleurgesteld staan we voor de dichte poorten van een overvolle Masjid al Haram.

De eerste blik

Uitgerust en wel staan we de volgende ochtend om 10 uur weer buiten (nog steeds in onze Ihram) en zijn er helemaal klaar voor. We lopen naar de moskee, hartslag gaat steeds hoger en zien dat de deuren nu gelukkig wel open zijn. We lopen met onze ogen naar beneden gericht de moskee binnen en pas wanneer we voelen dat we de Ka’ba in zijn geheel in onze ogen zullen vangen, kijken we op. Ik knipper voor de zekerheid m’n ogen, m’n hartslag stopt eventjes en ik ervaar één van de mooiste momenten van m’n leven. Het gevoel is vergelijkbaar met de eerste keer dat ik m’n dochtertje zag na de geboorte. Iedereen is zichtbaar geëmotioneerd en zoekt naar woorden om die emoties te uiten. Onder leiding van onze gepassioneerde Imam verrichten we een prachtige dua (smeekbede) en we zijn voor even helemaal van de wereld. Subhanallah!

De Umrah

Nog steeds in een soort van trance beginnen we aan de rituelen van de Umrah. We lopen verder en komen op het plein rond de Ka’ba om daar 7 rondjes omheen te lopen. Tijdens de rondes wordt je meer meegenomen door de menigte dan dat je zelf loopt. Overal mensen om je heen, zoveel verschillende mannen en vrouwen, maar eigenlijk ook allemaal hetzelfde. Ondanks de drukte voel ik toch de rust en vrede om mijn eigen gebeden te lezen en voel de aanwezigheid van Allah swt zoals ik die nooit eerder heb gevoeld. De Ka’ba lijkt kleiner dan ik had verwacht, maar de uitsraling ervan is zoveel krachtiger dan op de foto’s. Tranen glijden onopgemerkt over de wangen, je ziet mensen vol verbazing naar de Ka’ba kijken, alles en iedereen loopt daar door elkaar, rijk en arm, zwart en wit, man en vrouw, jong en oud, allemaal zijn we daar voor onze God.

Na de 7 rondes (ongeveer een uur) drinken we wat water van de Zamzam bron en gaan we naar het volgende ritueel: Zeven keer heen en weer lopen tussen de heuvels Safa en Marwa (ongeveer 500 meter), in navolging van Hajra (de vrouw van profeet Abraham vrede zij met hen) die tussen deze heuvels rende op zoek naar water voor haar kind Ismael (vrede zij met hem). Het laatste onderdeel van de Umrah is voor mij het moeilijkste, het knippen van de haren. Minimaal de lengte van een vingerkootje, maar beter is het om je helemaal kaal te scheren. In nog geen twee minuten tijd heeft de kapper z’n klus geklaard, te kort om te beseffen dat ik nu echt zo kaal was als een biljartbal. Pas als ik terug ben in het hotel dringt het tot me door, ik blijf nog minutenlang in de spiegel kijken en leg me er vervolgens bij neer. Moge Allah swt mij belonen voor elk haartje dat ik voor Hem heb opgeofferd. Amin!


De Tawaaf om de Ka’aba: Kippenvel!

De Sa’ee tussen Safa en Marwah


En toen waren we kaal…

Mekka – The City

Na het knippen van de haren, mag je ook uit je Ihram. De beperkingen worden opgeheven en je mag weer normale kleren aan. We hebben nog een weekje tot de Hajj begint, dus genoeg tijd om te chillen. We leven van gebed tot gebed en hebben verder geen besef van tijd en al helemaal niet van wat er in de rest van de wereld gebeurt. Mekka is eigenlijk ‘India met veel buitenlanders’. Ik denk dat meer dan de helft van de mensen die je hier ziet uit India, Pakistan of Bangladesh komen. Iedereen praat hier Urdu/Hindi, zelfs de Arabische winkeliers, ambtenaren en politie. Het eten is voor 90% Indiaas en er lopen hier net zoveel gestoorde mensen rond als in India.

Voor de rest zie je mensen uit de hele wereld: Rusland, China (zien er echt stoer uit), Kyrgizie (schattige mensjes), Kazachstan, Brunei, Ivoorkust (kleurrijk), Indonesie (altijd in groepjes en in identieke kleding), Turkije (was het allemaal maar nog in handen van de Ottomanen), Mauritius (ik heb een adresje gekregen als ik daar op vakantie ga), Jamaica (moeilijk voor de mensen met dreads, als die eraf moet) en nog 1001 landen. Volgens mij is er geen plek op aarde waar meer nationaliteiten bij elkaar zijn dan hier tijdens de Hajj. De paradox in die eenheid en diversiteit is bizar om te zien.

Mexicaanse griep

Overal hangen er posters van het Ministerie van Volksgezondheid met hoe je moet hoesten, handen schoonmaken en hoe belangrijk mondkapjes zijn. Alleen niemand houdt zicht eraan. Mensen dragen hun mondkapjes over hun hoofd, over hun gezegende baard, hebben het als een ketting om hun nek hangen, om hun pols, om hun koffers, maar slechts een enkeling om de mond. Eén van die dagen krijgen we een lift van een Saoedier die zijn mondkapje om zijn achteruitkijkspiegel heeft opgehangen. ‘Die dingen helpen toch niet’, zegt de beste man. Als we vragen wat voor werk hij doet: ‘Ik werk bij het Ministerie van Volksgezondheid’. Het is dan ook niet verbazingwekkend dat álle 3 miljoen mensen hier constant aan het hoesten zijn. Ik ben niet één persoon tegen gekomen die niet hoestte. De fabrikant van Strepsils heeft in deze paar weken meer verdiend dan in het afgelopen decennium bij elkaar. Gelukkig bleef het alleen bij hoesten en werd het verder niet ernstiger.

De Bengaalse ober

Ik ga samen met mijn metgezel en tegenpool Ashraf (ex-wbh) naar een restaurantje om wat te eten. We komen in een klucht terecht. De eigenaar wil niet zeggen wat er allemaal te eten is (‘kijk zelf maar daar’) en ook de man bij de kassa lijkt niet graag klanten te willen trekken. Met de nodige moeite en geduld hebben we uiteindelijk toch een volle bord en we gaan zitten. We observeren een Bengaalse ober die er rondloopt. Hij schakelt moeiteloos over van Arabisch naar Hindi naar Bengali naar Indonesisch. We roepen hem naar onze tafel en vertellen hem dat hij ons versteld doe staan door zijn talenkennis. Hij zegt dat ie in z’n vrije tijd veel boeken leest. Enkele quotes: ‘Blijf hier 6 maanden en ik praat beter Nederlands dan jullie, maar ik maak jullie wel gek’. ‘Ik maak niet snel vrienden, want uiteindelijk zullen ze je kwetsen en ik kan niet tegen het geluid van een hart dat breekt’. ‘In Mina zal het kei en keihard gaan regenen!’ We hebben kapot veel gelachen met die gozer, maar een week later zou de voorspelling van die ‘gek’ wel uitkomen.

avatar

ReFlex is WBH’er van het eerste uur. Geboren in de jungle van India, opgegroeid in de straten van Rotterdam-West. Het leven is een paradox, dus is hij getrouwd met een Amsterdamse Pakistaanse. Hij is apotheker van beroep, Ajax-supporter van nature. Plezier haalt hij uit zijn islamitische studies, uit zijn sport en vooral uit zijn gezin en twee kinderen! Oh ja...en zijn naam is Jilani Sayed.

Lees andere stukken van