Voorpagina Islam, Jouw Dagelijkse Dosis, Jouw Dagelijkse Dosis 2015 / 1436

Gesprekken met God – Juz’ 3

Dit is deel 3 van Jouw Dagelijkse Dosis. Iedere dag in Ramadan schrijft een team van schrijvers een reflectie over de juz’ die praktisch de hele oemmah die dag leest. Alle lezers worden uitgenodigd hetzelfde te doen, en hun eigen reflectie op de juz’ van de dag in de reacties te plaatsen. Iedere dag kiest een jury de beste reflectie. De winnaar krijgt een presentje thuisgestuurd.

Als het niet goed gaat, dan kunnen we geneigd zijn om contact op te nemen met mensen die ons dicht bij het hart staan. Hopen op troostende woorden, of misschien genoeg hebben aan dat luisterende oor dat je vol liefde wordt aangeboden. Er is echter een gesprek dat vele malen beter is, een gesprek dat je dagelijks kunt voeren met Iemand waar je op vastgezette tijden een afspraak mee hebt. Een gesprek, met Degene in wiens Hand alles, maar dan ook echt álles is. Een gesprek met Iemand die het beste met je voor heeft, en jou een belofte heeft gedaan: dit gesprek is goed, goed voor jou. Een gesprek met God.

Voorwaar, degenen die geloven en goede daden verrichten en het gebed onderhouden en de zakaat geven, voor hen zal hun beloning bij hun Heer zijn. En voor hen zal er geen vrees zijn en zij zullen niet treuren (Q2:277).

Allah (swt) noemt in deze aya het gebed, samen met enkele andere daden, en verbindt daar twee soorten consequenties aan. Enerzijds de beloning die we mee kunnen nemen naar het Hiernamaals, en anderzijds een prachtig geschenk voor in het wereldse leven: het uitblijven van treurnis en verdriet.

Bij het lezen van deze aya moet ik denken aan de periode waarin het gebod tot het gebed tot de Profeet ﷺ is gekomen; onze geliefde Profeet ﷺ had op zijn zachtst gezegd enkele zeer pijnlijke maanden achter de rug. Zijn oom Abu Talib, die zelf geen moslim was maar zijn neefje binnen de clan wel van bescherming voorzag, kwam te overlijden. Vlak daarna liet Khadija (ra) het leven, de echtgenote die de Profeet ﷺ van meet af aan had gekoesterd en zijn leed had verzacht. De leden van Quraysh, niet bijster meelevend, grepen dit moment aan om nog bruter op te treden. De Profeet ﷺ vertrok daarom naar At-Ta’if, hopend op steun. Die kreeg hij niet. Integendeel: hij werd onheus bejegend en moest terugkeren naar Mekka, waar hij wederom niet op een warm welkom kon rekenen. Treurnis en verdriet in het kwadraat, en naar deze periode wordt daarom ook wel verwezen als het Jaar van Verdriet. Gelukkig was daar een lichtpuntje in zicht, en wat voor één: de hemelreis die de Profeet ﷺ maakte, ook wel bekend als Israa’ en Mi’raaj. Het was gedurende deze bijzondere reis dat de moslims werd opgedragen om vanaf dan vijfmaal daags te bidden.

Als we er even bij stilstaan, dan is het eigenlijk veelzeggend dat het gebed in het Jaar van Verdriet verplicht werd gesteld. We zullen nooit dezelfde reis als de Profeet ﷺ maken naar Allah swt, maar we hebben met het gebed wel een geschenk gekregen waarmee we een directe relatie met Allah swt kunnen onderhouden. Een relatie die het hart kan verzachten en treurnis kan verlichten, net zoals dat bij de Profeet ﷺ het geval was. Zo zei de Profeet ﷺ bij het aanbreken van het gebed tegen de oproeper van het gebed Bilal (ra): ‘Breng ons rust met het gebed.’ Rust. Peace of mind. Dat is wat het gebed doet, dat is wat het gebed met de benodigde investering kan doen.

Weet je wat ik ook mooi vind? Dat dit fysieke gebed verplicht is, al is dat vast niet altijd meteen de eerste gedachte als na een kort nachtje de wekker voor fajr (het vroege ochtendgebed) gaat. Soms hebben wij mensen een stok achter de deur nodig om de dingen te doen die goed voor ons zijn en waarvan we de waarde misschien gaandeweg pas steeds meer in gaan zien. De verplichting van het gebed herinnert mij vijfmaal daags waarvoor we hier op aarde zijn gezet: het aanbidden van Allah swt, in de vele verschillende vormen die mogelijk zijn. Onze dagelijkse gang van zaken moeten onderbreken en ons fysiek én mentaal moeten terugtrekken van al het wereldse wat ons bezighoudt, om in de best mogelijk relatie te investeren: die met God. Wat een geschenk.

Einde. Soort van. Dit stuk kan ik namelijk in principe met bovenstaande zin afsluiten, maar ik voel me nog niet helemaal uitgeschreven. Uitgedacht. Dit is het eerste stuk wat ik deze Ramadan voor JDD schrijf, en de deadline voor dit stuk heeft een soortgelijk effect als de verplichting van het dagelijks gebed: reflectie, en achter reflectie is het soms moeilijk om een punt te zetten. Reflectie roept reflectie op.

Ik heb namelijk zojuist afwisselend gelezen en geschreven over het gebed, en gaandeweg ben ik steeds meer bij mezelf te rade gegaan: hoe ga ik zelf om met dit geschenk, onze momenten met God, het gebed? Pak ik dit geschenk elke dag koesterend uit, of scheur ik de verpakking open om maar zo snel mogelijk weer over te kunnen gaan op de orde van de dag? Die orde van de dag die helemaal niets waard is, als we uit het oog verliezen waar het leven uiteindelijk écht om draait?

Stof tot nadenken. En handelen. Moge Allah swt al onze reflectie zegenen met actie, en moge we deze Ramadan allen dichter bij Hem komen.

Jouw Dagelijkse Dosis:

Jouw Dagelijkse Dosis 2015 / 1436:

avatar

Kauthar is. Van alles en nog wat. Soms teveel, soms te weinig. Daar leert ze van. Graag.

Lees andere stukken van Kauthar