Voorpagina Jouw Dagelijkse Dosis 2016/1437

Profetisch licht – Juz’ 23

Het heelal fascineert. Vooral als de lucht of nacht kraakhelder is. De sterren, zon en maan – die de potentie hebben om de verbeelding en creativiteit te stimuleren – blijven elke menselijke generatie boeien. Sommige mensen gaan nog een stapje verder door het heelal te zien als een bron van rationele en spirituele vormgeving. Ikzelf ben niet zo thuis in de rationele grondslagen van het heelal. De astronomie is een wetenschap, waar ik te weinig kaas van gegeten heb. Ik probeer hier en daar wat te lezen over nieuwe ontdekkingen van astronomen op andere planeten en zonnestelsels. Alleen blijft het hierbij. Helaas. Als ik ooit mijn studiekeuze mag overdoen, dan kies ik zeker weten voor astronomie.

Als ik naar het heelal kijk, dan moet ik het doen met begrippenkaders die ik voornamelijk ontleen aan de sociale filosofie. Want dat is mijn studieachtergrond. Vooral het begrip ‘afhankelijkheid’ is een waarneembaar gegeven als het gaat om de belichting van de maan door de zon. De maan is afhankelijk van de zon voor haar lichtgevende functie wanneer het hier op aarde donker is. En van die lichtstralen van de maan zijn weer miljarden mensen afhankelijk. De afhankelijkheidsrelatie tussen de zon, maan en alle aardobjecten en -subjecten is onomstotelijk: onafhankelijkheid versus afhankelijkheid versus nog meer afhankelijkheid.

In deze Juz’ 23 wil ik een aantal waarneembare hemel- en natuurverschijnselen bespreken in een islamitisch-spiritueel daglicht. Want welke islamitisch-spirituele betekenis kun je geven aan natuur- en hemelverschijnselen, die wij met het blote oog kunnen waarnemen? Ik kan helaas niet alle Quran-referenties bespreken. Voornaamste reden is dat de Quran een veelvoud aan verwijzingen maakt naar de natuur en hemellichamen, met steeds weer verschuivende spirituele betekenissen.

Een Quran-vers, die de essentie van mijn betoog redelijk pakt, staat vermeld in hoofdstuk ‘Ya-Sin’:

“Exalted is He who created all pair – from what the earth grows and from themselves and from that they do no know.” (36:36)

Binnen elke islamitische traditie of stroming wordt er een onderscheid gemaakt tussen ‘nabi’ en ‘rasul’. Waar ‘rasul’ staat voor een ‘wetgevende profeet’ die met een nieuwe openbaring op de proppen komt, volgt een ‘nabi’ deze op – ook in de hoedanigheid van een profeet. Dit gebeurt meestal in een later tijdperk. Het ‘parensysteem’ in de geciteerde Quran-vers interpreteer ik als volgt: waar de ‘rasul’, evenals de zon, een onafhankelijke source of light is, ontleent de ‘nabi’ (net zoals de maan) zijn licht aan de ‘rasul’. De islamitisch-spirituele groei van moslims is in het verlengde hiervan afhankelijk van het licht van profeten. Het licht staat in deze context gelijk aan de aanwezigheid van de Quran. Wat in het verlengde hiervan voor moslims geldt, geldt enigszins ook voor de groei van natuurobjecten; deze kunnen ook niet zonder licht. Ik werk naar een specifiekere begripsvorming toe met behulp van de volgende vers:

“And a sign for them is the night. We remove from it (the light of) day, so they are left in darkness.” (36:37)

Voor mij persoonlijk wordt het verlichtende effect van profeten kenbaar gemaakt in deze vers. Zonder de aanwezigheid van de zon en maan, blijft het maar donker op aarde, met als uiteindelijke gevolg dat er geen leven kan bestaan. Hetzelfde geldt voor de afwezigheid van profeten. Zonder hen kan er geen spiritueel leven bestaan voor gelovige mensen, omdat zij de manifestatie belichamen van goddelijke openbaringen. Nog Islam-specifieker kan ik het maken met behulp van de volgende vers:

“And a sign for them is the dead earth. We have brought it to life and brought forth from it grain, and from it they eat.” (36:33)

De Quran openbaarde zich in een gebied waar de omgevingskenmerken van het Arabisch schiereiland correleerden met de innerlijke gemoedstoestand van de bewoners. De enorme droogte hing mijns inziens nauw samen met de spirituele tekorten onder de Mekkaanse bevolking. Hoofdoorzaak: de afwezigheid van profeet Mohammed (vrede zij met hem).

“And the sun runs (on course) toward its stopping point. That is the determination of the Exalted in Might, the Knowing.” (36:38)

De aanwezigheid van profeet Mohammed (vrede zij met hem) heeft in veel opzichten meer voorspoed geleverd dan tegenspoed voor de Mekkanen. Mekka veranderde als centrum van een stammensamenleving in het centrum van de wereld. Profeet Mohammed (vrede zij met hem) stond aan de basis van deze grootschalige transitie door de harten te verlichten van zijn volgers.

Resumerend. De zon verlicht de maan, zodat vervolgens een groot deel van de wereld verlicht is. Dezelfde afhankelijkheid herken ik in de relatie tussen profeten en volgers. Zonder profetisch licht is er mijns inziens geen spirituele groei mogelijk onder volgers. Profeten zijn in dit geheel onmisbare schakels. De orde van de natuur en hemellichamen begin ik steeds meer te zien als een stelsel, waar ik mijn spirituele groei aan kan ontlenen. Sterker nog: ik begin steeds meer te denken, dat ze elkaars afspiegeling zijn. Om mijn verhaal te eindigen: rede, geloof en spiritualiteit – waarom ook niet – zijn in mijn belevingswereld elkaars evenknie in plaats van dat zij elkaars tegengestelden zijn.

Foto via: pixabay.com

Jouw Dagelijkse Dosis 2016/1437:

avatar

Rachid Eznaden schrijft sinds 2011 voor Wijblijvenhier. Hij is eindredacteur met als speciale aandachtsgebieden integratiebeleid, buitenlandse politiek, literatuur en islamitische geschiedenis van Europa. Verder staat Rachid bekend als boekenwurm. Voor de meeste WBH-ers belichaamt hij de Wijblijvenhier-bibliotheek. Heeft een schrijver achtergrondinformatie nodig voor zijn stukken, dan tovert Rachid binnen no time een aantal titels tevoorschijn. Tot slot: Rachid recenseert graag. Waar deze interesse vandaan komt, Joost mag het weten. Misschien is het wel zijn tegendraadse houding: waar over het algemeen steeds minder wordt gelezen, gaat hij juist meer lezen.

Lees andere stukken van