Voorpagina Jouw Dagelijkse Dosis 2019 / 1440, Ramadan

Vrijheid in afhankelijkheid – Juz’ 17

Juz’ 17 bestaat uit twee suwar (hoofdstukken). Allereerst Surah al-Anbiya’ (de Profeten) en daarop volgt Surah al-Hajj. Hier wil ik in sha Allah stilstaan bij Surah al-Anbiya’. Een surah die grofweg in twee stukken op te delen is. Waarbij het eerste stuk in algemene bewoording spreekt over de rol van de Profeten, hoe hun volkeren reageerden op hun boodschap en wat Allah met ze gedaan heeft.

Daarna volgt het tweede deel met bepaalde Profeten specifiek als voorbeeld hiervan, zoals Ibrahim (Abraham), Lut (Lod), Dawud (David), Sulayman (Salomon), Ayyub (Job), Isma’il (Ishmael), Idris (Enoch), Dhul-Kifl (Ezechiël), Dhun-Nun (Yunus/Jonah), Zakariyya (Zakharia), Yahya (Johannes) en tot slot Maryam (Maria) de moeder van ‘Isa (Jezus).

Laten we een stap terugnemen en nadenken over de vraag: wat wordt er van ons verwacht met de komst van al deze Profeten? Laat ik jullie meenemen in de beantwoording van deze vraag. 

Er doen zich soms gebeurtenissen voor. Gevallen waarbij jij in jouw ogen een kleine daad – ‘even’ in jouw vrije tijd – verricht, maar het verschil tussen leven en dood betekent voor de ander. Van angst voor een duistere, bodemloze put naar hoop in een stralende toekomst. Deze momenten lijken voor jou zo licht en nietsbetekenend, terwijl daarvoor de poorten van de hemelen opengaan, laag boven laag, krakend van de engelen die met elkaar wedijveren om die daad te presenteren aan de Schepper. 

Dat Hij het goede zo gemakkelijk voor je maakt, dat de ervaring het niet anders kan omschrijven dan een merkwaardige interventie in de natuur, die zich lijkt te buigen, te onderwerpen, om de weg naar het goede te plaveien voor jou. Als Zijn tevredenheid zich meester maakt van jouw hart, kan het niet anders dan dat het Paradijs jou opeist. En elke roep om jou, een krachtige duw veroorzaakt in haar richting. Het is een teken van goddelijke nabijheid in het leven van de oprechte gelovige, waardoor hij het goede als gemak ervaart.

Hij dan die geeft en godvrezend is en in het mooie gelooft, hem zullen We [de weg] naar het gemak (lees: het goede) vergemakkelijken.
(Surah al-Layl 92:5-7)

Zo zal een geldbedrag aan liefdadigheid voor de een aanvoelen als een rib uit z’n lijf, terwijl de ander dat met het grootste gemak doet. Of voelt het vasten voor de een zeer uitputtend, terwijl de ander daarin het toppunt van geluk ervaart. Of voelt het reciteren van de Qur’an voor de een als moeizame, ellendige minuten, terwijl de ander de Eeuwige Tuinen al waarneemt, waar hij geen einde aan wenst te brengen. 

Maar Allah heeft het geloof bij jullie geliefd gemaakt en het in jullie harten aantrekkelijk gemaakt. En Hij heeft jullie het ongeloof, de schandelijkheid en de ongehoorzaamheid laten verafschuwen. Zij zijn het die rechtgeleid zijn.
(Surah al-Hujurat 49:7)


Hoe komt het dat de een rechtgeleid is en van deze goddelijke gunsten geniet? Hoe kom je aan zo’n sublieme rust, ondanks de krachtige stormen van beproevingen, verleidingen en wereldse belemmeringen? Het is ieders wens om dit spirituele gemak te ervaren vanuit een hart dat tot rust komt in het goede. 

Rust komt enkel voort uit een staat van je ‘thuis voelen’, zodra je een handeling op gang zet waarmee je Zijn nabijheid opzoekt. Dit ‘thuis voelen’ begint bij het heropvoeden van jouw nafs, het beteugelen van haar grillen en het hervormen van haar neigingen. Daarom spraken de vromen van ‘vrijheid’ zodra de ziel dit niveau van rust had bereikt.

En vrijheid vindt een mens op geen plek en op geen manier dan zich te schikken aan de rol die hem gegeven is wat betreft zijn relatie tot de Schepper. Het is de rol van al-‘ubudiyyah, zijn dienaarschap ten aanzien van de Meester. Het toppunt hiervan bereik je in Zijn aanbidding. Dat betekent dat je je beseft afhankelijk te zijn van jouw Maker, in alles, en je daarnaar gedraagt. 

“O ziel die rust gevonden heeft, keer tevreden en met welgevallen aanvaard terug naar jouw Heer. En treed binnen te midden van Mijn dienaren. en treed binnen in Mijn tuin.”
(Surah al-Fajr 89:30)


Eerst betrad de ziel de gelederen van al-‘ibad (dienaarschap), waarmee de ziel tot rust kwam in dit leven. Alvorens het de grens overstak om Zijn Tuinen te betreden, de eeuwige rust in het leven hierna.

Zo komt de ziel tot rust. Het gedraagt zich naar wat het is: een ‘abd, dienaar. De eerste les die de Boodschapper van Allah ons leerde, toen hij verklaarde de dienaar en Boodschapper van Allah te zijn. In andere woorden: wees zoals ik in mijn hoedanigheid als dienaar en gehoorzaam mij daarom in mijn rol als Boodschapper. Het is deze natuurlijke aanleg die ons reeds is ingezaaid waar de Profeten ons aan herinneren. En ons helpen te herontdekken als grootste en belangrijkste doelstelling van de Laatste Openbaring. 

Tegen het einde van Surah al-Anbiya’ (21:106) zegt de Heer, de Allerhoogste: Voorwaar, in deze (Qur’an) is zeker een Boodschap voor een volk van aanbidders (‘abidun). 

Bron afbeelding

Jouw Dagelijkse Dosis 2019 / 1440:

avatar

Geestelijk verzorger en theoloog drs. Hamza Akkar heeft zijn beroepsmatige leven gewijd aan maatschappelijke problematiek. Hij staat met beide benen in de samenleving, is actief in allerlei welzijnsorganisaties en geeft binnen de Islamitische Pedagogen- en Psychologenpraktijk (IPeP) geestelijke verzorging, relatietherapie en trainingen, onder meer over interculturele communicatie. Zijn stijl kenmerkt zich door een open en enthousiasmerende no-nonsense houding waarbij hij niet terugdeinst voor de 'grote' onderwerpen en taboes binnen de gemeenschap en het formuleren van antwoorden hierop vanuit zijn theologische en academische achtergrond. De combinatie van intensieve scholing op zowel islamitisch gebied als in de zorgverlening maakt dat hij goed weet wat er speelt en hoe hiermee om te gaan. Daarnaast heeft hij als eerstegraads docent levensbeschouwing van zijn hobby een vak gemaakt door in het onderwijs dichtbij de jonge generatie te staan.

Lees andere stukken van Hamza