Voorpagina Jouw Dagelijkse Dosis, Jouw Dagelijkse Dosis 2021/1442

Iqra! – Juz’30

In den beginne was er … de dringende uitnodiging van Allah tot verbinden en kennen

De start van de openbaring van de Koran – die 23 jaar in beslag heeft genomen – en het eerste contact tussen hemel en aarde werd gelegd door het woord IQRA’. De verbinding en de kennis die we als lezers moeten maken als we in contact treden met dit nobele boek: de QURAN.  Welke verbinding en welke kennismaking moet er voltrekken? Om verbinding en kennis te maken, dienen we de Koran te lezen vanuit het benaderen van een drietal perspectieven of hoofdthema’s. Allah openbaart zijn Woord aan ons waarin Hij:

  1. Zichzelf aan ons voorstelt en wij met Hem kennismaken middels een tweetal krachtige instrumenten: Zijn Woord en Zijn schepping (waar ons intellect deel van uit maakt);
  2. Ons als mens voorstelt aan onszelf en wij kennismaken met onszelf en met het doel van onze schepping/geschapenheid;
  3. Ons laat kennismaken met Zijn beloning, voor de reine en zuivere inspanning, die wij in het aardse leven hebben verricht. Die beloning kan zowel van tijdelijke aard zijn en alleen het aardse leven van het hier en nu beslaan, als van permanente aard en ook het volgende leven, het hiernamaals beslaan.

Met deze drie hoofdthema’s in mijn hoofd, lees ik de Koran en in dit kader van deze djuz’, neem ik jullie mee in het eerste openbaringshoofdstuk (in chronologische volgorde van de openbaring) van de Koran: IQRA’

In de naam van God, de erbarmer, de barmhartige. 1 Lees voor in de naam van jouw Heer die heeft geschapen. 2 Geschapen heeft Hij de mens uit een bloedklonter. 3 Lees voor! Jouw Heer is de edelmoedigste, 4 die onderwezen heeft met de pen. 5 Hij heeft de mens onderwezen wat hij niet wist. 96/ 1-5

Kennis is macht

Een van de eerste plichten is de leerplicht, vergezeld met het onderhouden van het gebed, de salaat, aanvankelijk twee keer per dag: één keer in de ochtend voor de zonsopkomst en één keer in de avond voor de zonsondergang. Dit lezen we in dit hoofdstuk bij twee verschillende passages: 96/9 Heb jij hem gezien die een verbod oplegt 10 aan een dienaar wanneer hij bidt? Hier zie je de openbaring en het gebed, beide gebeurtenissen bevatten een verticale dimensie. Voor de openbaring geldt van boven naar beneden, vanuit de hemel naar de aarde. Voor het gebed geldt van beneden naar boven, vanuit de aarde naar de hemel.

In de tweede passage zien we aan het einde van het hoofdstuk:  En buig je eerbiedig neer en kom nader. Een van de meest nobele handelingen in het gebed is het eerbiedig neerbuigen voor Allah, de soedjoed, een houding waarbij je het meest hoge en belangrijke, het gezicht, legt op het meest lage, de aarde. Uit vrije wil, vroomheid en eerbied. Dit is een van de uitingen van bescheidenheid en ontlading.

Maar welke kennis is macht?

96/1 Lees voor in de naam van jouw Heer die heeft geschapen. 2 Geschapen heeft Hij de mens uit een bloedklonter.

Je ziet dat Allah de soera opent met de woorden: In de naam van God, de Erbarmer, de Barmhartige. Meteen na deze openingszin gebruikt Allah de gebiedende wijs van het werkwoord qara’a, namelijk iqra’. Een gebiedende wijs duidt op een plicht, een gebod. Er wordt echter niet expliciet aangegeven wat je moet lezen. Of toch wel? Uit de eerste twee verzen blijkt dat je kennis dient te nemen van alles wat Allah geschapen heeft. Denk hierbij aan de scheppingswetenschappen, zoals menswetenschappen, natuurwetenschappen, etc.

De gebiedende wijs wordt nog een keer gebruikt in vers 3. Er is geen sprake van zinloze herhaling in de Koran. De herhaling heeft hier als doel: het bevestigen van die plicht, het lezen.

96/3 Lees voor! Jouw Heer is de edelmoedigste, 4 die onderwezen heeft met de pen. 5 Hij heeft de mens onderwezen wat hij niet wist.

In deze drie verzen komt een ander type kennis aan de orde, waar de moslim ook kennis van moet nemen, namelijk de kennis die je niet kan weten aan de hand van de waarnemingen met je zintuigen. Dit type kennis is de kennis van de openbaring, iets wat je de openbaringswetenschappen kunt noemen, zoals koranexegese, hadith-uitleg, praktische theologie etc.

Zo zie je dat er in de islam geen onderscheid bestaat tussen de aardse of de profane kennis. De hemelse of de heilige kennis. Deze kennis heeft immers dezelfde bron: Allah!

Middelen van kennis

Wat in deze eerste vijf geopenbaarde verzen opvalt, is de ruimte die geboden wordt aan de middelen of de elementen van kennis opdoen. Je ziet hierin zes elementen van kennis:

Lees voor!

Lees voor!

die onderwezen heeft

met de pen

Hij heeft [de mens] onderwezen

wat hij niet wist.

De mens: de heer in de schepping

De Koran leert dat Allah de Heer van de schepping is. Hoewel de mens bepaald niet het grootste of het sterkste schepsel is, staat de mens in het eerste hoofdstuk van de Koran centraal. De reden daarvoor is: de islam leert dat de mens, heer in de schepping is. De mens is volgens de Koran van nature goed geschapen, in tegenstelling tot andere filosofieën en denkstromingen. Hij wordt niet als onbeschreven blad geboren, maar zijn geest is gevormd door de fitra, de natuurlijke aanleg. Na zijn geboorte wordt zijn persoonlijkheid verfijnd op basis van de interactie tussen de invloed van de openbaring en die van de omgeving.

Mens, denk aan je kwetsbaarheid, behoeftigheid en sterfelijkheid

Allah vat het leven van de mens samen in drie korte verzen van tien Arabische woorden. Hij is immers de Schepper van het schepsel: de mens. De Schepper weet het beste over Zijn schepsel, net als de producent het beste weet over zijn product. Het is raar als een andere partij een handleiding zou schrijven voor het product, dat hij nooit gemaakt heeft. Allah stuurt ons de handleiding hoe het beste te leven in het aardse leven en het hiernamaals. Hij geeft ons een aantal verkeersborden, in het leven, onder weg naar Hem toe. Die verkeersborden worden door inductie van de Koranverzen door geleerden, kort gezegd, in vijf categorieën weergegeven: verboden, afgeraden, toegestaan, aanbevolen en verplicht.

Onder weg op deze route, ergens tussen de eerste jaren van jongvolwassenheid tot 60-70 jaar of ouder, waarschuwt Allah in het volgende vers voor een ernstige kwaal. Hij geeft daarbij de oorzaak van deze hardnekkige ziekte aan. Tegelijkertijd lezen we ook de remedie, de behandel- en/of genezingsmethode om te herstellen en ervan af te komen. Allah zegt:   

96: 6 Welnee, de mens is grensoverschrijdend, 7 dat hij zich behoefteloos waant. 8 Maar tot zijn Heer is de terugkeer.

De ziekte die Allah hier beschrijft, is een van de kenmerken van de mens, namelijk, de grenzen overschrijden, in de ruimste betekenis van het woord. Het Arabische woord dat Allah hier gebruikt is: tagha . Dit woord wordt in de Koran ook gebruikt in combinatie met een rivier. De rivier overstroomt, doordat zij haar grenzen overschrijdt, door buiten haar oevers te treden. De mens overtreedt ook de regels en overschrijdt de aangegeven grenzen.

Wat is de oorzaak van deze grensoverschrijding? Dat de mens zich waant behoefteloos en onafhankelijk te zijn van zijn Schepper. Dat hij zich waant onafhankelijk te zijn en van God niets aan te trekken. Dit is en dit blijft een waan. Het is geen werkelijkheid!

Wat is de oplossing om zowel de ziekte als de oorzaak te elimineren? De genezing is te lezen in het laatste gedeelte van deze passage: 96/8 Maar tot zijn Heer is de terugkeer. Deze harde constatering is ons nogmaals bevestigd door een (voor het blote oog) onzichtbaar schepsel, namelijk het coronavirus! Het virus heeft velen van ons teruggebracht tot een duidelijke les. Het heeft velen van ons bewust gemaakt van de,voor velen, bittere realiteit: de sterfelijkheid van de mens.

De mens is niet alleen kwetsbaar, maar ook sterfelijk. Het keerpunt van het leven, de sterfelijkheid, geeft de terugkeer aan van ieder mens, gelovig of niet-gelovig, naar zijn Heer en Schepper. Als je zeker weet dat je naar Hem terugkeert, zal je ook bewust worden van de dag waarop je verantwoording moet afleggen voor al je doen en laten. Dit keiharde feit maakt je voorzichtig en veel minder excessief en grensoverschrijdend. Het volgende vers drukt onze neus op dit feit: 96/14 Weet hij niet dat God ziet?

Ken de mensen om je heen

Als mens en moslim ken je je grenzen en houd je je daaraan. Je hebt om je heen echter met verschillende mensen te maken. De volgende verzen geven ons een inkijk in de soorten mensen om ons heen:  

9 Heb jij hem gezien die een verbod oplegt 10 aan een dienaar wanneer hij bidt? 11 Meen jij dat hij op de goede weg is 12 of godvrezendheid gebiedt? 13 Meen jij dat hij loochent en zich afkeert?

9 Heb jij hem gezien die een verbod oplegt 10 aan een dienaar wanneer hij bidt?

Het eerste type mensen zijn de mensen die jou tegenwerken en verbieden om jezelf te zijn, inclusief je menselijke, religieuze en culturele bagage;

11 Meen jij dat hij op de goede weg is:

Het tweede type mensen zijn de mensen die zichzelf op de goede weg houden, maar hun goedheid niet met anderen delen. Ze zijn echter niemand tot last;

[11 Meen jij dat hij op de goede weg is] 12 of godvrezendheid gebiedt?

Het derde type mensen zijn de mensen die EN zichzelf op de goede weg, binnen de grenzen houden EN hun goedheid met anderen delen. Zij sporen anderen aan tot het goede en godvrezendheid. Zij nemen hun verantwoordelijkheid en doen graag iets voor hun medemens, ongeacht zijn of haar kleur, ras of godsdienst;

13 Meen jij dat hij loochent en zich afkeert?

Het vierde en laatste type mensen zijn de mensen die zelf niet-gelovig zijn, maar hun ongeloof niet opleggen bij anderen. Zij keren zich af van het geloof, maar zijn echter niemand tot last.

De uitnodiging tot dichter bij de Schepper komen via Zijn schepping

Zoals we gezien hebben begint Allah deze soera met een dringende uitnodiging tot Iqra’, wat vaak vertaald wordt met: Lees! Iqra’ komt van het Arabische woord qara’a, wat etymologisch gezien verbinden betekent. Als je de verbanden zoekt, omstandigheden analyseert, nieuwe relaties synthetiseert en dat wat je kent verbindt met je praktijk door het toe te passen, dan ben je bezig met qara’a!

Eenvoudig verwoord levert het uitspreken van letters klanken op. Als je verbindingen maakt van deze letters ontstaan woorden. En als je deze letters uitspreekt, door ze te verbinden, ben je met de eerste fase van letterverbindingen bezig, iets wat wij lezen noemen. Het zoeken naar verbindingen in de schepping zal leiden tot kennismaking met de Schepper, Zijn kennis, almacht en wijsheid. Daarom eindigt Allah deze soera met de woorden: buig je eerbiedig neer en kom nader.

Kennis en wetenschap zijn de heldere wegen om nader tot Allah te komen. Daarom is dit een van de eerste en de laatste doelen van kennis vergaren. Immers, we kunnen met Allah kennis maken middels Zijn Woord, de Koran. Via Zijn boodschapper, Mohammad (v.z.m.h.), die het Woord uiteenzet. En Zijn schepping, de spiegel die veel van de kennis, wijsheid en kracht van Allah aan de oprechte onderzoeker laat zien. Je kunt daarom gerust zeggen: de eerste plicht in de islam is de leerplicht: Iqra’.

De uitnodiging tot verbinding zoeken, praten en in gesprek gaan met elkaar

Mensen: spreek met elkaar in plaats van over elkaar

114  In de naam van God, de erbarmer, de barmhartige. 1 Zeg: “Ik zoek bescherming bij de Heer van de mensen, 2 de koning van de mensen, 3 de god van de mensen, 4 tegen het kwaad van de stiekeme influisteraar 5 die de mensen in hun binnenste influistert, 6 of hij nu tot de djinn of tot de mensen behoort.”

Een van de opvallende aspecten bij het lezen van de Koran, is de bevinding dat het geen zuiver communicatieboek is, maar heel vaak de ruimte biedt aan het woord zeggen: qala .Dit woord lezen we in de laatste soera genaamd: soerat an-naas (de mensen). In deze soera komt het woord mensen relatief het meest voor: vijf keer in zes verzen! Weet u welke soera, met relatief een hoge frequentie van het woord mensen, daarna volgt? Logica is een grote gave, leert de islam ons. In soera al-Hadj, de pelgrimage, want in Mekka waar de pelgrimage plaatsvindt, komen de meeste islamitische mensen op hetzelfde moment, op dezelfde plaats bijeen.

Terug naar het werkwoord qala, zeggen. Het werkwoord qala komt 1722 keer voor, een bijzonder hoge frequentie als je weet dat de Koran uit ca. 6300 verzen (afhankelijk van de rekenmethode). Dit betekent dat het woord zeggen één keer per vier verzen voorkomt. Dit is een duidelijke boodschap om te overleggen en met elkaar in gesprek te treden. Zowel met je naasten of bekenden als met je kennissen of onbekende medemensen. Als we verder kijken, zien we dat dit woord in 49 verschillende vervoegingen of afgeleiden staat bijvoorbeeld: wij zeggen, jullie zeggen, zij zeiden, gezegde etc. Verder valt op dat 50% van deze frequentie gevormd is door uitspraken die uit de mond van een ander komen. De ander krijgt, ongeacht de juistheid van zijn uitspraak, ruimte om te zeggen wat hij of zij wil zeggen, bijvoorbeeld: 45:24 Zij zeggen: “Er is alleen maar ons tegenwoordige leven; wij sterven en wij leven en alleen door de tijd worden wij omgebracht.” Hun woorden worden door Allah voor eeuwigheid gedocumenteerd, los van het feit dat de islam een heel andere visie heeft op het tijdelijke van hier en nu en het eeuwige leven in het hiernamaals. De islam leert dat het aardse leven vergelijkbaar is met een wedstrijd met een eerste helft: het hier en nu. Gevolgd door een tussenpauze. En een tweede helft: het hiernamaals, waarbij een ieder zijn beloning in ontvangst zal nemen.

Afsluiting

Als we teruggaan naar de drie perspectieven/hoofdthema’s in de inleiding van dit stuk, dan zien we dat Allah Zich aan ons voorstelt middels die twee krachtige instrumenten: Zijn Woord en Zijn schepping.

Hij beschrijft Zichzelf als:

God,

De Erbarmer,

De Barmhartige,

Jouw Heer,

De Schepper [die heeft geschapen],

De Edelmoedige,

De Alwetende [die onderwezen heeft].

96: 1-5 In de naam van God, de erbarmer, de barmhartige. 1 Lees voor in de naam van jouw Heer die heeft geschapen. 2 Geschapen heeft Hij de mens uit een bloedklonter. 3 Lees voor! Jouw Heer is de edelmoedigste, 4 die onderwezen heeft met de pen. 5 Hij heeft de mens onderwezen wat hij niet wist.

Allah laat zich in deze vijf korte verzen voorstellen aan de hand van zeven van Zijn namen en/of attributen! Zo kun je de opdracht voor je zelf formuleren om ook ná deze gezegende maand ramadan bij elk koranvers stil te staan vanuit de eerdergenoemde drie perspectieven/hoofdthema’s.

Jouw Dagelijkse Dosis:

Jouw Dagelijkse Dosis 2021/1442:

avatar

Hassan Barzizoua is Arabist, theoloog en bestuurslid van de moskee Taqwa in Culemborg. Hij heeft ruime ervaring in de het verzorgen van taalcursussen en trainingen op het gebied van interculturalisatie, opvoedingsondersteuning en communicatievaardigheden. Als beëdigd tolk en bevoegd docent Arabisch en Islam is Hassan actief binnen LISAAN.

Lees andere stukken van Hassan