Voorpagina Gastarbeiders

Moslima’s. Emancipatie achter de dijken

Ceylan Pektas-Weber is gastarbeider bij wijblijvenhier.nl. Ze vertelt over haar onlangs verschenen boek.

Toen ik in 1989 de geloofsgetuigenis uitsprak en moslim werd, had ik nooit gedacht dat ik eens een boek zou schrijven over moslima’s en emancipatie. Toch ligt sinds een week m’n boek Moslima’s. Emancipatie achter de dijken in de winkels. En ik ben er berentrots op, niet in de laatste plaats vanwege de vrouwen die erin aan het woord komen!

Het idee voor dit boek is ontstaan in de periode na 2001, toen in Nederland een fel debat ontstond over islam, dat sindsdien niet meer is gestopt. In dat debat voeren tegenstellingen de boventoon en is er nauwelijks ruimte voor nuancering. De positie van moslimvrouwen staat er vaak in centraal. Meestal wordt van hen een eenzijdig beeld geschetst: weerloze vrouwen, die de hulp van andere Nederlanders hard nodig hebben om zich te bevrijden van het juk van man, vader, broer of gemeenschap. Moslima’s in Nederland zijn de eersten om te erkennen dat er binnen de moslimgemeenschappen problemen bestaan waar meisjes en vrouwen, maar ook jongens, slachtoffer van zijn. Zij hebben zelf ook heldere ideeën over de aanpak van die problemen. Toch wordt hun mening nauwelijks serieus genomen.

In mijn werk als voorzitter van Stichting Nederlandse moslimvrouwen Al Nisa en als projectleider huiselijk geweld bij Stichting Ihsan, een organisatie voor islamitisch-maatschappelijk activeringswerk, heb ik vaak gemerkt dat het stereotype beeld van moslima’s samenwerking in de weg staat. In de zestien jaar dat ik moslim ben, heb ik honderden, zo niet duizenden moslima’s ontmoet – met Marokkaanse, Turkse, Pakistaanse, Palestijnse, Iraakse, Surinaamse, Somalische, Arabische, Afghaanse, Iranese, of Nederlandse achtergrond. Ik ben onder de indruk geraakt van de motivatie, kracht, en inzet van de vrouwen met wie ik heb gesproken, gewerkt en geleefd. Moslima’s in Nederland zetten hun kwaliteiten vaak met bovengemiddelde energie in om de problemen aan te pakken die ze tegenkomen. Ondanks de druk uit de samenleving houden zij vaak vast aan de islam als inspiratiebron. De meeste vrouwen kiezen ervoor om naast opleiding, carrière en nieuwe visies de banden met thuis niet door te snijden. Zij verstaan de kunst om ruimte voor zichzelf te nemen zonder de ruimte voor geliefden op te geven. De ontdekking dat de islam een aantal universele waarden in zich draagt die de culturele tradities van het land van herkomst én de verwachtingen van het nieuwe land overstijgen, speelt daarbij zonder twijfel een rol.

De veertien vrouwen die in Moslima’s aan het woord komen zijn voor het grootste deel dochters van Turkse en Marokkaanse arbeidsmigranten. De meeste vrouwen zijn soennitische moslims, twee komen uit de alevitische traditie. Van iedere vrouw is een kort portret gemaakt, als kennismaking. Er staan ook mooie fotoportretten in het boek, gemaakt door Gon Buurman. Daarna komen acht hoofdstukken waarin telkens een aantal onderwerpen wordt besproken aan de hand van de drie central thema’s: islam, emancipatie en Nederland. De meeste hoofdstukken gaan over islam, beginnend bij de islam uit de kindertijd tot de manier waarop moslima’s nu met de islamitische heilige teksten, de Koran en hadieth, omgaan. Ik vond het erg leuk om te ontdekken hoeveel overeenkomsten er zijn in onze verhalen, terwijl mijn geschiedenis toch wel anders is. Bijvoorbeeld in de boodschappen die jonge moslima’s over geloof meekregen en boodschappen die ik zelf meekreeg. Zo vertelt iemand dat in haar jeugd zonder hoofddoek lopen niet ‘haram’ was, en ook aan bidden werd niet zo zwaar getild. Maar liegen, dat was een grote zonde! Toen zij dit vertelde moest ik aan mijn moeder denken, die mij – toen ik opgroeide als katholiek meisje – vaak waarschuwde dat er een zwart kruis op mijn voorhoofd zou verschijnen als ik tegen haar zou liegen .. nachtmerries had ik erover!  Ook in de verhalen over emancipatie herkende ik veel, hoewel niet alles. Ik heb nooit meegemaakt dat mijn juffrouw mij naar de huishoudschool wilde sturen, hoewel ik een hoge cito-score had … Maar het worstelen met verwachtingen rond mannen en vrouwenrollen kwam me erg bekend voor. Er wordt vaak gedacht dat Nederlandse niet-moslimmannen supergeëmancipeerd zijn. Mijn vader nam mijn mening wel serieus, en mijn broer waardeert discussies zeer, maar als er gezorgd of schoongemaakt moet worden, is het nog steeds opvallend vaak vanzelfsprekend dat ik dat op me neem.

Toen ik zelf moslim werd hing ik het feminisme aan de kapstok. Ik dacht oprecht dat de islamitische geloofsleer mij alle rechten en ruimte geeft die ik kan verlangen. Daarvan ben ik nog steeds overtuigd, maar ik ben er intussen ook achter dat dit niet wil zeggen dat deze rechten en ruimte mij en andere vrouwen binnen de moslimgemeenschap altijd gemakkelijk worden gegeven. Intussen heb ik het feminisme daarom maar weer uit de kast gehaald, als instrument om de rechten die Allah mij en andere moslimvrouwen al lang geleden gaf, ook te krijgen. Niet in een gevecht tegen mannen trouwens, maar juist door samen met hen de kracht terug te brengen in de moslimgemeenschap, waarvoor volgens mij het geloof ons de weg wijst. De vrouwen die ik interviewde deden daar behoorlijk wijze uitspraken over. Mijn eigen weg en werk (ik houd me veel bezig met het bestuderen van interpretaties van (mannelijke en vrouwelijke) Koranonderzoekers en islamdeskundigen als het gaat om de positie van vrouwen), maar ook het huidige debat in Nederland heeft me verleid een heel hoofdstuk te wijden aan de vraag hoe moslima’s aankijken tegen feminisme en emancipatie, en tegen de vraag of dat wat onze nieuwe belangenbehartigers met ons voorhebben overeen komt met hun
idealen.

Ik durf intussen de uitspraak voor mijn rekening te nemen dat veel moslima’s die ik ken een positievere en omvangrijkere inzet hebben voor de Nederlandse samenleving dan de gemiddelde Nederlander. Hun agenda’s staan voortdurend boordevol met activiteiten die op één of andere manier bruggen bouwen over de kloof die de laatste jaren ontstaan. Dat wil niet zeggen dat zij niet kritisch zijn, naar de Nederlandse samenleving én naar de eigen gemeenschap. Integendeel. Na alle gesprekken kwam ik maar tot één conclusie. Dat de opvatting van minister De Geus drie jaar geleden dat de emancipatie van ‘allochtone vrouwen’ nog moest beginnen, verre van de waarheid is. Bij deze vrouwen en ontzettend veel andere moslima’s in Nederland is maar liefst sprake van een viervoudige emancipatie! Naast de klassieke vrouwenemancipatie en de vaak daarbij horende sociaal-economische of klasse-emancipatie, moeten de meeste migrantendochters (en zonen) er extra hard aan trekken door wat ik migrantenemancipatie noem. Zo blijkt de oorspronkelijke bevolking van Nederland helemaal niet zo te staan trappelen om de nieuwkomers tot hun gevestigde orde te laten toetreden. De islamisering van alle problemen van migrantengroepen, dat vooral door dit kabinet de normaalste zaak wordt gevonden, getuigt daarvan. De islamisering van problemen door Haagse ‘weldoeners’ vormt intussen een minstens even grote belemmering voor de emancipatie van moslima’s als culturele tradities of andere oorzaken. De vierde vorm van emancipatie is religieus. De moslima’s in het boek en veel andere vrouwen die ik ken, hebben een zeer eigen houding en visie ten opzichte van de islam ontwikkeld. Kritisch, maar vol liefde voor de warmte en inspiratie die de islam hen op één of andere manier biedt. Te mooi om waar te zijn? Dat zullen velen zeggen. Neem het daarom niet van mij aan, maar van hen!


Ceylan Pektas-Weber had een rooms-katholieke opvoeding. Ze is nu moslima en voorziter van Al Nisa, een organisatie voor moslimvrouwen. Onlangs verscheen haar boek ‘Moslima’s, emancipatie achter de dijken’.

avatar

Wij Blijven Hier werd in 2005 opgericht, omdat ze vonden dat ze er nog niet waren. Inmiddels zijn ze 3000 bijdragen rijker, die vrijwillig door beginnende én gearriveerde verhalenvertellers worden geschreven. Verschillend van columns, persoonlijke ervaringen tot verborgen nieuwsfeitjes. Ze kijken op hun eigen manier tegen de wereld aan, en vertellen zélf het verhaal. Wie zijn ze? Kijk om u heen. Want ze zijn hier. Zij Blijven Hier!

Lees andere stukken van de WBH Redactie